‘Betrapt door het toeval’

‘Betrapt door het toeval’ (deel 1)
Waarom gaan mensen toch naar het café? Het is een vraag die ik mij vaak gesteld heb, vooral wanneer ik weer eens berooid en veel te laat van een of andere kroeg naar huis strompelde. Cafébezoek lijkt namelijk niet een heel logisch te verklaren verschijnsel te zijn.

De drank is er vele malen duurder dan in de winkel, de stoelen over het algemeen harder dan thuis de bank en de ruimte is er vaak benauwd en veel te krap. Om financiële of fysieke redenen hoeft men dus niet te gaan. Wat rest is natuurlijk het sociale aspect van het cafébezoek.


Dat weegt blijkbaar zo zwaar dat men dag in dag uit bereid is geld, comfort en privacy op te offeren om toe te kunnen treden tot een publieke huiskamer en samen te zijn met mensen met die men niet kent. Dat is een erg fijne en geruststellende gedachte, zeker in een land waar sociale verbanden losser worden en zelfs het staatshoofd zich zorgen maakt over het gebrek aan intermenselijk contact: Gelukkig zitten de cafés nog vol. Alhoewel vol? Een bomvol café is misschien ook niet bepaald de ideale omgeving. Soms kan de massa de enkeling immers nog wel eens boven het hoofd groeien.

Eigenlijk zou een café dan ook niet te druk moeten zijn, maar zo gevuld moeten zijn dat iedereen elkaar zou kunnen horen, zonder zich aan een ander te storen. Op deze manier kunnen er verschillende gesprekken naast elkaar bestaan, maar bestaat tevens de mogelijkheid om gesprekken in elkaar te laten overvloeien: om mensen bij elkaar te brengen en ideeën op te vangen waar je anders geen weet van zou hebben.

Hoezeer de functie van het café als publieke ruimte tot zijn recht kan komen, ondervond ik afgelopen donderdag toen ik in onze plaatselijke buurtcafé een collega (Bas) trof om gezamenlijk een koffie te drinken, alvorens onze werkdag te beginnen. Iets dat wij wel vaker doen en een gewoonte die op zich al laat zien dat deze ruimte zelfs op wetenschappelijk terrein van groot maatschappelijk nut is.

Deze keer werd ons gezelschap echter aangevuld door Shanti, die onze conversatie vanuit een andere hoek van het café opmerkte. Hoewel zij ons niet kende, schoof zij bij ons aan en vertelde over haar werk en het boek dat zij aan het schrijven was. Haar werk leek op het eerste gezicht in veel opzichten van het onze te verschillen, maar naarmate het gesprek vorderde bleken er wel degelijk verschillende raakvlakken te zijn. Niet alleen waren wij alle drie bezig met schrijven en worstelden wij met vergelijkbare praktische problemen, ook inhoudelijk waren we soms bezig met thema’s die overeenkwamen.

Behalve dat het een heel aangenaam gesprek was, kreeg de bijeenkomst hierdoor ook een enigszins reflectief karakter en was in dit opzicht dus heel verfrissend. Toen ik even later rustig naar huis liep om verder te gaan met mijn werk heb ik dan ook geen enkele keer aan het nut van het cafébezoek getwijfeld.

Rick

‘Betrapt door het toeval’ (deel 2)
Laatst zat ik met mijn collega (Rick) in een café. Daar zitten we soms als het op ons werk te druk is. Nou ja, eigenlijk werken we op die momenten thuis en drinken we halverwege de ochtend koffie in het café omdat het thuis wel heel erg rustig is. Meestal bespreken we dingen die zijdelings met onze eigenlijke werkzaamheden te maken hebben. Dat is leuk en nuttig, zeker voor historici die verder voornamelijk in gesprek zijn met mensen die niets terugzeggen omdat ze al jaren dood zijn.

We hadden het over een recent verschenen boek toen de enige andere cafégast iets opving. ‘Zo te horen is dat boek echt iets voor mijn vader!’, zei ze. Interessant. Waarom denk je dat? 
Kort daarna zaten we met z’n drieën om de tafel en spraken we over van alles en nog wat. Onderzoek doen, Social limits to growth, nieuwe media en oude politiek.

Toen ik een uur later naar huis liep, kon ik terugkijken op een interessant gesprek. Toch speelde er ook iets anders. Ik besefte dat ik eigenlijk nooit gebruik maak van de begrippen die Shanti –onze onverwachte gesprekspartner- als vanzelfsprekend beschouwt. Ik denk niet in termen als ‘doorbraak’, ‘coaching’ en ‘dromen’. Zou dat zijn omdat ik me prima red zonder me ooit om ‘werkelijk leven’ en ‘verandermanagement’ te bekommeren, of misschien juist omdat ik er mee werk zonder dat ik het in de gaten te heb? 
Ik weet het niet.

Hoe dan ook, door wederzijdse welwillendheid bleken twee verschillende werelden aardig met elkaar door één cafédeur te kunnen. Die gemeenschappelijkheid deed me denken aan iets anders: een concept van de Duitse filosoof Hans Georg Gadamer, de Vorgriff der Vollkommenheit. Historici gebruiken dit in hun gesprek met het verleden, ‘ze proberen degene die ze bestuderen welwillend tegemoet treden, want om iemand te begrijpen moet je bereid zijn om diens verhaal voor waar, compleet en authentiek aan te nemen.’ Doe je dat niet, dan snap je de ander niet en loopt het gesprek op niets uit.

Dat een historicus van deze Vorgriff der Vollkommenheit uitgerekend in zijn koffiepauze een schoolvoorbeeld tegenkomt, kan maar twee dingen betekenen: hij is ten prooi gevallen aan totale vakdeformatie of is tijdens de koffie betrapt door het toeval. Ik hou het op dat laatste.

Bas

Over LightWorks

LightWorks helpt jou of jouw team op weg, naar persoonlijke & professionele groei. Dit doen we door te coachen, workshops aan te bieden & lezingen te geven die empoweren en inspireren.

lees verder...

LightWorks in kaart

light-works map

klik om te vergroten

Referenties